Een kast voor de buurt
A2 · · Gratis · zonder registratie
Leerdoel
De leerling begrijpt het doel en de regels van een buurtinitiatief en beschrijft hoe bewoners samenwerken.
Voor het lezen
Wat leen je soms van iemand anders? Noem een voorwerp en vertel waarom je het niet zelf koopt.
Tekst
In de verzonnen wijk Waterhof staat sinds kort een grote groene kast in het buurthuis. Er liggen geen boeken in, maar gereedschap en spullen voor kleine feesten. Bewoners kunnen bijvoorbeeld een boormachine, een ladder of een grote pan lenen. Het idee kwam van Fatima. Zij had een ladder nodig voor één middag en wilde daarvoor geen nieuwe kopen.
De kast is elke woensdag tussen vijf en zeven uur open. Lenen is gratis. Een bewoner mag twee spullen tegelijk meenemen en moet ze binnen een week terugbrengen. Bij het lenen schrijft vrijwilliger Joost de naam van de bewoner en de spullen op. Hij controleert ook samen met de bewoner of alles heel is.
Na de eerste maand hebben achttien bewoners iets geleend. De grote pan was het populairst. Eén ladder kwam te laat terug. Daarom hangt er nu een kalender op de kast. Bewoners zien daarop wanneer hun spullen terug moeten. Volgende maand willen Fatima en Joost een reparatiemiddag organiseren.
Woordenschat
- het buurthuis
- Een gebouw waar mensen uit dezelfde buurt elkaar ontmoeten.
- het gereedschap
- Spullen waarmee je iets maakt of repareert.
- lenen
- Iets van iemand gebruiken en het later teruggeven.
- tegelijk
- Op hetzelfde moment.
- de vrijwilliger
- Iemand die helpt zonder daarvoor betaald te worden.
- controleren
- Kijken of iets goed of juist is.
Vragen bij de tekst
- Waarom wilde Fatima geen nieuwe ladder kopen?
- Wanneer is de kast open?
- Hoeveel spullen mag een bewoner tegelijk lenen?
- Welk voorwerp was in de eerste maand het populairst?
- Waarom hangt er nu een kalender op de kast?
Praat samen
- Welke drie spullen zouden nuttig zijn in een kast voor jouw buurt?
- Welke problemen kunnen ontstaan als veel mensen dezelfde spullen delen?
Extra opdracht
Schrijf een bericht van vijf zinnen voor het buurthuis. Leg uit wat bewoners kunnen lenen, wanneer de kast open is en welke regels er zijn.
Antwoorden en tips voor docenten
- Ze had de ladder maar voor één middag nodig.
- Elke woensdag tussen vijf en zeven uur.
- Twee spullen.
- De grote pan.
- Omdat een ladder te laat terugkwam; bewoners kunnen op de kalender zien wanneer hun spullen terug moeten.
- Laat leerlingen het verschil tussen lenen en kopen uitleggen met een voorbeeld.
- Zoek samen naar woorden die een reden of gevolg aangeven, zoals daarom en omdat in de antwoorden.
- Accepteer andere formuleringen van de antwoorden als de informatie overeenkomt met de tekst.